Toerist in eigen stad

Wat een heerlijke nazomerdag! Weer om buiten een frisse neus te halen en nieuwe dingen te ondernemen… samen met mijn geweldige nichtje uit Leuven.

Ons Nell, mijn Nell. Als ik ooit een derde kind zou gehad hebben: zij werd geheid meter, of ‘maraineke’ zoals ze dat daar zeggen. Het nichtje dat tegelijkertijd mijn allerallerallerbeste vriendin is. Zo iemand waar je binnenkomt en weer begint waar je het laatst gestopt bent. Zo eentje uit mijn lijst ‘she knows me 2 well’ en eentje waar het gesprek steevast eindigt met ‘loveyou’. Zo eentje waar je altijd het gevoel hebt dat je op de schommel zit en samen giert om die kriebel in je buik.

Dus, wat voor onnozels of geks ik ook zeg dat we gaan ondernemen, een directe ‘KEIGOE!’ is meestal het antwoord. Ook ‘COOL! Doen we!’ is een grote kanshebber.

Met haar buske-vol-bloemen-en-sterrekes (Woodstock is er niks tegen) kwam ze rond de middag aangetuft op onze oprit. We hadden vanmorgen beslist om te gaan shoppen bij de ‘nieuwe Belgen’ in de Carnotstraat en “d’Offerandestraat”. Of, anders benoemd: toerist in eigen stad.

Gewapend met een handtas, een poncho, een zonnebril, 2 flesjes water en een buskaart teenden we richting Antwerpen, met afstaphalte aan de nieuwe Roma. Op ontdekkingstocht in het gebied waar we vroeger als puber met de bus doorreden naar school, een gebied dat we jaarlijks zagen veranderen en verkleuren, een plek waar ik nog nooit gaan wandelen/shoppen was.

Met het zonnetje op onze snoet en de warmte van de mensen waanden we ons in Marrakech. De gestresseerde nouveaux-riches in hun BMW/Range Rover/Porsche/Mercedes* met de deuren op slot die zenuwachtig voorbijreden negeerden we zoveel mogelijk. Overal zag ik kleur: in het eten (volgens mij moeten we daar eens vis gaan proeven), de supermarkten, de mensen met hun overdaad aan glitters, in de tijgerprintjes die de weinige blanken droegen, de compleet foute meubel- en huisraadwinkels, afro-pruikenwinkels, beautysalons, kappers, …. Geweldig! Zoveel bling-bling, zoveel kleur, zoveel beweging en gekakel. Ook heel opvallend was hoeveel mensen elkaar daar zoenen en handen geven in deze omgeving. Onze bescheiden Vlaming mag daar toch stiekem wel een voorbeeld aan nemen (een goeiemorgen en een glimlach, stel je voor!)

In de eerste twee winkels was de kassamedewerker oprecht geïnteresseerd in onze aankoop, ze vroegen zich af wat we daarmee gingen doen. Toen we het antwoord gaven, kregen we in beide winkels zowaar een compliment! Ik stel voor aan alle opleidingsbedrijven die ‘klantvriendelijkheid’ geven, om gewoon even in de Carnotstraat te gaan winkelen en daar een voorbeeld aan te nemen.

We stapten door naar ‘d’offerandestraat’, een straat waar je de ene ALLES 5 EURO!-kledingwinkel na de andere tegenkomt. Tijgerprintjes, goud, bling-bling, megahighheels, fluo, bont, lakleder en allerlei andere ‘foute’ gekkigheid. Ja, we hebben lol gehad, of wat dacht u? Opvallend was dat ook deze kledingwinkels alles in ‘one size’ hadden, hoe hard ik ook probeerde, ik geraakte er niet in, of het trok scheef en dus op niks. Een Afrikaanse madam, ‘goe voorzien van oren en poten’, slaagde er dan wel in om de one-size-fits-all rond die rondingen te krijgen én er nog mee weg te komen ook. Straf.

Na de Offerandestraat, de Wetstraat door: een straat die volgens mij bevolkt is door een setje bakfietssocialisten: supermooie gerenoveerde herenhuizen met bakfietsen voor de deur en een BAM-poster aan de raam. De design- of retroverlichting kwam regelmatig piepen boven de zachte witte rolgordijnen. Ik miste nog net de ‘zonder-haat-straat’ stickers (of zijn die al passé?).

Dàt, mijn lieve lezer, dat allegaartje van kleuren, geuren, blingbling, retro en opgepoetste huizen, van tingende trams en geconcentreerde bakfietsers, van mannen die elkaar knuffelen en vrouwen die met de GSM in hun hoofddoek bellen. Een stad waar ik kan ontdekken en verwonderen en niet hoef bezig te zijn met angst en verzuring en de auto op slot, maar eentje waar ik mijn favoriete poncho vergat en waar de mevrouw zelfs onthouden had van wie hij was. Een plek waar de ober zegt ‘ik ga speciaal voor u de lekkerste thee maken, mefrouw’ en waar je het hen vergeeft dat je keukenrol krijgt ipv een servietje.

Dàt is een stad waar ik blij van word, lieve lezer.

*schrappen wat niet past, misschien wel de hele zin.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *